Paniek

Ik word wakker. Het is nog pikkedonker en doodstil, maar ik werd wakker. Waarvan? En dan weet ik het. Ik voel het. Een duistere schaduw glijdt soepel en snel, als een Anaconda, over mijn benen. Dan verder, zwaar over mijn borst naar mijn nek en wikkelt zich daar strak omheen. Mijn hart gonst door mijn lijf en klaarwakker flitsen mijn opengesperde ogen door het donker.

Waarom altijd ik?! Hijgend luister ik naar de rustige ademhaling naast mij en ik word kwaad. Ik ben verdomme ook altijd de lul! Verzin iets vervelends en ik heb er last van! Ik schop uit woeste frustratie met mijn benen en probeer een paar keer diep adem te halen. Maar de Anaconda voelt mijn razende hartslag en wikkelt zich alleen maar strakker om mijn lijf in een claustrofobisch benauwende wurggreep.

Ik krijg helemaal geen lucht meer en snak naar adem. Een snik ontsnapt uit mijn keel en bibberend probeer ik te kalmeren. Ontspannen. Niemand zou het ooit in zijn hoofd halen om dat naar iemand te roepen die ligt te verdrinken: ‘Gewoon ff ontspannen jongen!’ Maar tegen de Anaconda is het de enige oplossing. Ik zucht ik hijg, ik piep, ik woel, ik draai, ik kreun. Dan wankel ik met trillende benen uit bed, zet een paar passen, houd me vast aan de deurpost, weer een paar stappen. Misselijk van inspanning ga ik in de woonkamer voor de TV liggen. Wachtend tot de vlekken niet meer door mijn blikveld dansen. Wachten totdat de Anaconda besluit weg te gaan. Dit wordt een verstikkend lange nacht…

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *