Kort verhaal: Onkruid vergaat niet

Hij is terug. De politie is weken geleden gestopt met zoeken. Niet omdat ze de bizarre reeks moorden hadden opgelost natuurlijk; Ze hadden het gewoon opgegeven. En nu weet ik dat hij er weer is, en misschien wel nooit is weggeweest, want het onkruid verging niet. En ik voel het, terwijl ik door het park loop. Het is niet het typische gevoel van ‘brandende ogen in mijn rug’ of ‘nekhaartjes die overeind gaan staan’. Het is het gevoel dat me ook bekruipt als ik me pas na vijf happen realiseer dat de zalm wat vreemd smaakt. Dat moment dat je beseft dat het te laat is en je dus over tien minuten kotsend boven de plee zult hangen. Maar dan intenser. Lees verder

Kort verhaal: De Clown

Ik wandel langs keurig geparkeerde familieauto’s en kleurloze rijtjeshuizen met perfect symmetrisch gerangschikte grijze bloempotten op de vensterbanken. Nergens zijn mensen te bekennen, nergens slingert een bal of kinderfietsje, op geen enkel keurig grasmatje is een grasmaaier blijven staan. Er ligt niet eens afval. Geen hondenpoep. Alles is grijs, van de lucht tot aan de dorre blaadjes, die keurig op de bijeen geharkte stapel liggen, alsof ze het lef niet hebben om over dat grauwe asfalt te dwarrelen.

Ik loop door, want ik ben op weg naar vrienden. Ik kan me niet voorstellen waarom mijn vrienden ooit vrijwillig in zo’n levenloze wijk zouden gaan wonen. Een warm zuchtje wind blaast langs mijn nek en ik kan een rilling niet onderdrukken. Ik draai me om, maar zie nog steeds niemand. Sneller loop ik verder, langs een speelplaatsje met een glijbaan, wipwap, schommels. Alles is oorverdovend stil: ik hoor geen wind door de bomen, er fluiten geen vogels, ik hoor geen auto’s of overvliegende vliegtuigen. Terwijl ik langsloop, begint een van de schommels te schommelen. Zomaar. Niet met een boel gepiep, zoals in horrorfilms, maar muisstil. Ik hoor alleen het bonzen van mijn eigen hartslag.

Lees verder